Zindelijkheidstraining
Bij zindelijkheidstraining kunnen we prima gebruik maken van het natuurlijke gedrag van de hond, d.w.z. een hond bevuilt zijn eigen nest niet. Maar dat betreft dan ook alleen de ruimte van zijn nest en die is vaak niet zo erg groot. Een bench kan daarom heel erg handig zijn om een hond zindelijk te maken.
Geef de pup zoveel mogelijk op vaste tijden eten. Zodat het duidelijk is wanneer hij naar buiten moet. Ga dit voor later ook weer afbouwen want anders krijgt de hond automatisch een ingebouwde biologische klok en zal hij zelf duidelijk aangeven wanneer hij wil eten.
De volgende tips helpen erbij om uw hondje zo snel mogelijk zindelijk te krijgen.
- Laat het hondje zo vaak mogelijk uit, liefst ieder uur.
- Laat het hondje op een vaste plaats plassen zodat daar zijn eigen geurtje “hangt”, liefst een plekje dichtbij je huis. Mocht uw puppy niet begrijpen dat juist dat zijn vaste plekje moet worden, leg daar dan een drolletje van hem neer.
- Laat het hondje uit op een plek waar u hem in de toekomst ook vaak uit zult laten.
- Verbind een commando aan het doen van een plas of een poep en beloon het hondje uitbundig als hij een plas of poep gedaan heeft.
- Na het doen van een plas of poep krijgt de hond als beloning een stukje wandelen of spelen. Doet hij niets gaat u gewoon weer naar huis en stopt u de hond in de bench en gaat u 10 minutjes later nog een keertje. Als u steeds “zomaar” gaat lopen en wacht tot de hond iets doet dan bestaat de kans dat de hond “vergeet” te plassen en zodra u weer binnen bent, denkt de hond 'oh ja ik moet plassen', en doet hij het dus rustig op uw mat.
- Straf u hond nooit voor het iets binnen doen.
- Ruim het “ongelukje” nooit op als uw hondje het ziet. Het kan zijn dat hij uw gedrag overneemt. Zijn moeder at de ontlasting van de pups op en u ruimt nu ook zijn ontlasting op. Zet de hond dan dus even in een andere ruimte.
- Als u de hond optilt als hij aan het plassen is, treedt er een plasrem op: zet de hond dan snel buiten.
- Let goed op kritieke momenten:
- na het eten
- na het slapen
- na het spelen
- Laat de hond zo laat mogelijk uit, bijvoorbeeld om 23.00 uur. Zet de eerste paar nachten de wekker op bijvoorbeeld 5 uur. Gaat het goed, dan kunt u het iedere dag een kwartiertje uitstellen.
- Let goed op het gedrag van de hond: is hij onrustig, staat hij te piepen bij de deur? Dan zou het wel eens kunnen dat hij naar buiten moet.
Laat oudere honden niet altijd op hetzelfde tijdstip uit, ook hier treedt dan een biologische klok in werking en de hond weet precies wanneer hij naar buiten mag. Dus varieer dit met een uurtje of half uur.








